Een land met een goed zorgsysteem en rustige samenleving brengt voordelen met zich mee voor de mensen die er leven, jong en oud. In nederland zijn er genoeg ouderen die het nog goed redden in hun eentje, of met hun partner. Toch is er een groep die het moeilijk heeft. We spreken dan over kwetsbare ouderen. De kwetsbaarheid neemt toe naarmate de leeftijd stijgt. Kwetsbaarheid komt vaker voor bij laag opgeleide ouderen, ouderen met complexe gezondheidsproblemen, oudere migranten, mantelzorgers op leeftijd en LHBT-ouderen.

Nederland telt meer dan 3 miljoen ouderen (65+) en dit aantal stijgt elk jaar. Daarom is Nederland een langzaam vergrijzend land. In de twintigste-eeuw is het aantal 65-plussers vertienvoudigd: van 0,3 miljoen in 1900 tot 3,2 miljoen in 2018. Daarmee nam het aandeel 65-plussers in de totale bevolking toe van 6% naar 18%. 

Er is daarnaast ook sprake van ‘dubbele vergrijzing‘ . Dit houdt in dat binnen de groep 65-plussers het deel 80-plussers toeneemt. Op 1 januari 2018 waren er ruim 779.000 mensen van 80 jaar en ouder, wat neerkomt op 4,5% van de bevolking. Van de 65-plussers was 24% ouder dan 80 jaar.

Meer oude vrouwen dan oude mannen

Van alle 65-plussers was op 1 januari 2018 1,5 miljoen man (46%) en 1,7 miljoen vrouw (54%). Onder de 80-plussers was zelfs 62% vrouw. De oudere bevolking is dus ongelijkmatig samengesteld naar geslacht: hoe hoger de leeftijd, hoe kleiner het aandeel mannen in de bevolking. Dit hangt direct samen met verschillen in sterftekansen naar geslacht: op alle leeftijden hebben mannen een hogere sterftekans dan vrouwen. In de toekomst zullen deze scheve geslachtsverhoudingen wel minder scheef worden vanaf 70-jarige leeftijd, omdat het verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen kleiner zal worden